Jaargang 1908 – Ode van Exicon aan jubilarissen Distler en Daniel-Lesur

Voorjaarsprogrammma 2008

“Le Cantique des Cantiques”- het “Lied der Liederen” is de titel van het in 1953 ontstane werk van de Fransman Jean-Yves Daniel-Lesur. Deze compositie vormt het hart van ons voorjaarsprogramma dat dezelfde naam draagt.

In dit soms 12-stemmige werk, waaraan teksten uit het Hooglied ten grondslag liggen, komen we zowel weelderige harmonieën als ook modale eenvoud tegen, waardoor Daniel-Lesur een prachtig beeld neerzet van het zinnelijke én het goddelijke.

Zo komt in “Le Cantique des Cantiques” het profane en het seculiere samen. En daarom wordt dit slechts zelden uitgevoerde werk door ons omgeven door wereldlijke en geestelijke composities.

De componisten van de geestelijke werken zijn tijdgenoten en Europese buren.

Van Daan Manneke, geboren in 1939 in Nederland, zult u de psalmen 121 en 122 horen. Het “Aachener Ave Maria” en het “Magnificat” zijn van de hand van Vic Nees (*1936), die in zijn geboorteland België tot de bekendste componisten van vocale muziek behoort.

Dan maken we een sprong in de tijd naar het wereldlijke deel van ons programma. Madrigalen van Gesualdo en het bekende “Lamento d’Arianna” van Claudio Monteverdi (1567-1643) zetten het thema “liefde” in een duidelijk ander perspectief.

De liefde – in Arianna’s geval onbeantwoord omdat ze wordt verlaten – is hier aanleiding tot klaagzang. Monteverdi heeft dit ook in het beroemde “Lasciate mi morire” tot klank gebracht. Het “Lamento d’Arianna” is het nog enige overgebleven fragment van de opera “Arianna”, die precies 400 jaar geleden voor het eerst is uitgevoerd.

Dit programma van Vocaal ensemble Exicon biedt aantrekkelijke muzikale tegenstellingen waarbij het verbindende thema de liefde is in haar verschillende verschijningsvormen.

Adventsprogramma 2008

In de donkere dagen voor kerstmis in 2008 bieden we het programma “Es ist ein Ros’ entsprungen” aan.

In de “Weinachtsgeschichte” van Hugo Distler klinkt dit lied keer op keer in telkens een andere vorm. De componist die 100 jaar geleden werd geboren, maakte een eind aan zijn bestaan op 34 jarige leeftijd. Niet in de laatste plaats omdat zijn muziek in Duitsland in de dertiger jaren als “ontaard” gekenmerkt werd.

Ongeveer 20 jaar later dan de “Weinachtsgeschichte” van Distler ontstonden in Frankrijk de “Quatre motets pour le temps de Noël” van Francis Poulenc.
De mengeling van euforie en mystiek, die de geestelijke muziek van Poulenc typeert, vinden we ook in deze motetten die onderling nog zeer van karakter verschillen. Basis voor de tekst van de vier motetten is de tekst van het Magnificat.

Die tekst komt ook op een ander wijze aan bod in dit programma. Vic Nees schreef in 1981 er een versie van voor gemengd koor en sopraan-solo. Daarnaast klinkt ook weer het “Aachener Ave Maria” van deze componist als Maria-gezang.

Het programma wordt afgerond met verschillende kerstliederen.